Strijd Surinaamse veteraan deel krijgskunde

11

PARAMARIBO, 11 aug – De inzet en ervaringen van Surinaamse oorlogsveteranen worden onderdeel van de nationale krijgskunde. Dit zegt minister Lamuré Latour van Defensie. Ook komt er een militair museum met alles van en over Suriname’s militaire historie. De wederwaardigheden van Surinaamse militairen tijdens onder meer de Tweede Wereldoorlog worden opgeslagen. Wat bruikbaar is, wordt opgenomen in het curriculum van het leger.

Volgens Latour valt veel te leren van de oorlogspraktijk. Deze manier van waardering is één van de weinige die nog resten. Latour dankte de voormalige strijders tijdens de presentatie van het boek en de documentaire Teken en Zie de Wereld. Beide werken van Jules Rijsen geven meer inzicht in de ellende tijdens en na de oorlogsjaren. Fred van Russel, woordvoerder van de enkele nog levende veteranen, is een gelukkig man.

De waardering komt weliswaar laat, te laat haast. De Nederlandse overheid doet immer alsof haar neus bloedt. En dat tegenover toenmalige Nederlanders die hun leven op het spel zetten voor vrijheid en democratie. De veteranen moeten maar bij hun eigen overheid aankloppen. “De reden is steeds weer dat we nu de Surinaamse nationaliteit bezitten”, zegt Van Russel. De Nederlandse ambassade gaf vijfentwintigduizend euro voor de productie van boek en documentaire.

- Advertentie -

11 REACTIES

  1. http://www.waterkant.net/suriname/2010/03/26/surinaamse-oorlogsveteranen-geven-strijd-niet-op/

    PARAMARIBO, 26 mrt – De veteranen uit de Tweede Wereldoorlog strijden verbeten voor volledige erkenning. Dit zegt voorzitter Fred van Russel van de Federatie van Oud-strijders en Ex-militairen. Het voornemen is de Nederlandse staatssecretaris van Defensie, Jack de Vries, ook te kennen gegeven. Nederland blijft halsstarrig.

    De Surinaamse veteranen zijn geen veteranen volgens de letterlijke betekenis. “De definitie geeft aan dat een veteraan deelgenomen moet hebben aan oorlogsomstandigheden of daarop gelijkende omstandigheden”, zegt De Vries tegenover de Ware Tijd. In dat opzicht leverde zijn bezoek aan Suriname niets nieuws op. De veteranen waren alleen in Suriname actief.

    Suriname was weliswaar via Nederland officieel in staat van oorlog. De Nederlandse regering had een speciaal leger ingesteld. Dat stond gereed voor het geval de Duitsers zouden invallen. Wel bekeken moet dit leger toen toch tenminste een zekere rust en stabiliteit hebben gegarandeerd. Door de halfslachtige erkenning komen de veteranen niet in aanmerking voor bijvoorbeeld een Nederlands pensioentje.

    WET van 17 december 1997, houdende eenmalige uitkering aan gewezen militairen die meer dan twee jaar doch minder dan vijf jaar hebben gediend (Uitkeringswet tegemoetkoming twee tot vijfjarige diensttijd veteranen)

    WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

    Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
    Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het in het kader van het veteranenbeleid wenselijk is regels te stellen inzake een tegemoetkoming in de vorm van een eenmalige uitkering door het Rijk aan militairen die meer dan twee doch minder dan vijf jaar als dienst- of reserveplichtige, als oorlogsvrijwilliger dan wel als schutterplichtige bij de krijgsmacht van het Koninkrijk hetzij tijdens de Tweede Wereldoorlog, dan wel in het voormalig Nederlands-Indië, in Korea of in het voormalig Nederlands Nieuw-Guinea in werkelijke dienst zijn geweest en daarvoor in de overheidspensioenwetgeving, dan wel krachtens een pensioenvervangende of in een pensioengerelateerde uitkeringsregeling, geen financiële compensatie hebben ontvangen;
    Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goed gevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

    Artikel 1

    In deze wet wordt verstaan onder:

    a. militair:

    1°. degene die krachtens de Dienstplichtwet werkelijke dienst heeft verricht;

    2°. degene die krachtens het Oorlogsvrijwilligersbesluit werkelijke dienst heeft verricht;

    3°. degene die krachtens de Surinaamse Schutterijverordening 1941, dan wel krachtens de Antilliaanse Schutterij-landsverordening 1940 werkelijke dienst heeft verricht; of

    4°. degene die onder de vlag van het Koninkrijk der Nederlanden als dienst- of reserveplichtige bij het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger/Koninklijk Nederlands-Indonesisch Leger (KNIL), dan wel krachtens het Dienstplichtbesluit voor Nederlands-Indië werkelijke dienst heeft verricht, tijdens die vervulling Nederlander was of in die periode geen Nederlander was maar thans op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers bij de toepassing van de Nederlandse wetgeving als Nederlander wordt behandeld, en die na afloop van zijn werkelijke dienst naar Nederland is vertrokken of teruggekeerd dan wel door de zorg van de Nederlandse regering is overgebracht naar Nederland.

    b. werkelijke dienst:

    1°. de door de militair bij de Nederlandse krijgsmacht in de periode van 1 januari 1938 tot en met 31 december 1962 verrichte militaire dienst krachtens de Dienstplichtwet;

    2°. de door de militair bij de Nederlandse krijgsmacht in de periode van 1 januari 1938 tot en met 31 december 1962 verrichte militaire dienst krachtens het Oorlogsvrijwilligersbesluit;

    3°. de door de militair in de periode van 1 januari 1938 tot en met 31 december 1962 krachtens de Surinaamse Schutterijverordening 1941 dan wel krachtens de Antilliaanse Schutterij-landsverordening 1940 verrichte militaire dienst; of

    4°. de door de militair vóór 26 juli 1950 bij het KNIL verrichte militaire dienst krachtens het Dienstplichtbesluit voor Nederlandsch-Indië en de daarop berustende uitvoeringsregelingen;

    5°. de tijd doorgebracht in hechtenis en tijd van ongeoorloofde afwezigheid wordt niet meegeteld bij de berekening van de werkelijke dienst;

    c. weduwe: degene die
    1°. met de militair was gehuwd en die in Nederland, Suriname of de Nederlandse Antillen woonde, dan wel naar Nederland is vertrokken of teruggekeerd dan wel door de zorg van de Nederlandse regering is overgebracht naar Nederland, dan wel

    2°. gehuwd was met een militair die is overleden in het tijdvak ingaande 1 januari 1996 en eindigend op de dag na plaatsing van deze wet in het Staatsblad.

    Onder weduwe wordt mede verstaan de weduwnaar van de vrouwelijke militair.

    Artikel 2

    1. De militair, bedoeld in artikel 1, onderdeel a, onder 1°, 2° of 3°, die een werkelijke dienst van meer dan twee doch minder dan vijf jaar, hetzij tijdens de Tweede Wereldoorlog, dan wel in het voormalig Nederlands-Indië, in Korea of in het voormalig Nederlands Nieuw-Guinea doorgebracht, kan aanwijzen, alsmede de militair, bedoeld in artikel 1, onderdeel a, onder 4°, die daarenboven in de periode voor de inwerkingtreding van deze wet tenminste één jaar onafgebroken in Nederland gevestigd is geweest, heeft aanspraak op een eenmalige uitkering ten bedrage van € 453,78.

    2. Eveneens aanspraak op een eenmalige uitkering ten bedrage van € 453,78 heeft degene die als militair ten minste vijf jaar werkelijke dienst kan aanwijzen, hetzij tijdens de Tweede Wereldoorlog, dan wel in het voormalig Nederlands-Indië, in Korea of in het voormalig Nederlands Nieuw-Guinea doorgebracht en niet of minder dan vijf jaar als militair in de zin van de Uitkeringswet financiële compensatie langdurige militaire dienst onderscheidenlijk de Uitkeringswet KNIL-dienstplichttijd in werkelijke dienst is geweest.

    3. Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op de militair die zich schuldig heeft gemaakt aan desertie of dienstweigering.

    Artikel 3

    Indien de in artikel 2 genoemde aanspraak, in verband met het overlijden van de militair niet kan worden geëffectueerd, heeft de weduwe recht op een eenmalige uitkering, gelijk aan het in dat artikel genoemde bedrag.

    Artikel 4

    De aanvraag om een uitkering krachtens deze wet wordt schriftelijk ingediend bij:

    a. de Stichting Administratie Indonesische Pensioenen voorzover het betreft de militair, genoemd in artikel 1, onderdeel a, onder 4°, die bij het Koninklijk Nederlands Indisch /Indonesisch Leger werkelijke dienst heeft verricht, onderscheidenlijk diens weduwe;

    b. bij Onze Minister van Defensie, voorzover het betreft de overige militairen genoemd in artikel 1, onderdeel a, onderscheidenlijk hun weduwen.

    Artikel 5

    De gemeentebesturen en ambtenaren van de burgerlijke stand zijn verplicht op een door Onze Minister van Defensie onderscheidenlijk de Stichting Administratie Indonesische Pensioenen aan te geven wijze desgevraagd kosteloos inlichtingen te verschaffen en overigens ook alle medewerking te verlenen, benodigd voor de uitvoering van deze wet.

    Artikel 6

    De over de uitkering verschuldigde belasting ingevolge de Wet inkomstenbelasting 2001, de Wet op de loonbelasting 1964 en premie voor de volksverzekeringen ingevolge de Wet financiering sociale verzekeringen komen ten laste van het Rijk.

    Artikel 7

    De uitkering blijft buiten beschouwing bij de verlening van op het inkomen afgestemde publiekrechtelijke uitkeringen of verstrekkingen.

    Artikel 8

    [Wijzigt de Algemene bijstandswet.]

    Artikel 9

    Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.

    Artikel 10

    Deze wet wordt aangehaald als: Uitkeringswet tegemoetkoming twee tot vijfjarige diensttijd veteranen.

    Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

    Gegeven te ‘s-Gravenhage, 17 december 1997

    BEATRIX

    De Staatssecretaris van Defensie,
    J.C. Gmelich Meijling

    De Minister van Binnenlandse Zaken,
    H.F. Dijkstal

    Uitgegeven de negenentwintigste december 1997
    De Minister van Justitie,
    W. Sorgdrager

  2. Ik hoop dat deze fred russel of hoe die ook heten mag,de resente burger oorlog ook meeneemt in zijn boek,want nu gaat het alleen over nederland,die meer dan 60 jaar terug was, ojaaaaaa nu weet ik het weer daar valt geld te halen maar op de burger oorlog van de ddb valt geen rooie cent te hallen,alleen in een goot met aantal kogels in je bodyrussel hou toch op man, ga een roman schrijfen.
    rararararararra wie

  3. Nederland doet alsof haar neus bloedt, maar geeft wel 25.000 euro om het boek te realiseren?

    Dat lijkt mij niet “doen alsof je neus bloedt”, maar juist het actief vastleggen van een stuk historisch besef.

    En natuurlijk moeten de Nederlanders de “Surinamers” die hebben meegevochten in WOII dankbaar zijn, maar tegelijkertijd waren het toen “gewoon” Nederlanders (immers was WOII van ’39 – ’45 en niet na ’75).

    Dat de militairen van toen later hebben gekozen om Surinamer te worden, is hun persoonlijke keuze geweest. Dan kan je achteraf niet aankloppen bij de regering waar je afstand van hebt gedaan.

    Als er één regering is die iets moet doen voor álle Surinaamse ex-militairen (recentelijk en langer geleden), dan is het de huidige Surinaamse regering.

    Een Nederlandse WOII soldaat gaat toch ook niet bij Duitsland aankloppen om geld te beuren?

  4. Nederland is achterlijk,want zij geeft wel 25000euro voor boek ,maar de oorlogsveteranen die toen streden onder het Koningkrijk krijgen niet eens een Pensioen!!!!
    Achterlijk,nederland geeft geld aan nederland(jules rijsen)waarom geen glenn huisden of glenn snow die betaald wordt door de ambassade!

    Militair Museum!!
    hup hup ontwikkeling,
    hup hup vooruitgang!!
    Stem NDP,BLijf NDP
    Geloof in de nationale Democratie van Suriname!

  5. ps wanneer ze weer worden aangevallen laat dan alleen Nederlanders helpen bij het verdedigen.

    Mundo

  6. Wat heeft de NDP gedaan voor militairen met ptss.
    Wat heeft Bouterse gedaan voor die jonge militairen die hij een nodeloze oorlog heeft ingestuurd ??
    Vandaag is Bouterse miljonair Brunswijk ook, alle andere hoge militairen hebben hun schaapjes op het droge, aan de rest hebben deze beesten K.A aan.

  7. Nederland is schofterig:ze laten de nederlanders voor 1975 strijd leveren, Na 1975 zijn de zelfde strijders Surinamers geworden!!!

    En dan wil nederland geen uitkering geven aan deze oud-Militairen!

  8. Nederland zit nu in de Nato,Navo en Eu.Ik hoor Jan de Hoop Scheffer en Balkenende nog zeggen een aanval op een van de landen(westen) is een aanval op ons allen.Zo zijn ze de oorlog begonnen tegen Bin Laden,nadat(toen) de vliegtuigen het WTC gebou(wen)was ingevlogen.Dus bij de eerstvolgende aanval op Nederland zal toch meer dan alleen Nederlanders ten strijden trekken tegen de aanvallers en heel misschien nog Amerika op de voorgrond.Maar diep in mijn hart hoop ik dat zoiets zich niet meer voordoet,want oorlog e tja soso ellende.Odiiiiiiiii.
    Glenny.

  9. Ik ken genoeg veteranen van Surinaamse komaf die wel een pensioen krijgen.
    Die dus wel aan de eerdergenoemde voorwaarden voldoen.

    Enkele van deze veteranen lopen ook mee op de jaarlijkse veteranendag.
    Als nederland de pensioen en uitkeringskraan naar Suriname eens dichtdraait moet je kijken wat er gebeurt.

  10. Ik vind dit bericht echt een lachertje. Behandel de mensen alsjeblieft met respect. Steun ze waar je kan en wees eerlijk tegen ze.

    Zeg dus niet tegen ze dat je hun “” inzet en ervaringen”” onderdeel van “”de nationale krijgskunde”” gaat maken.

    Of weet de minister werkelijk niet waar hij het over heeft?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.