Leguana

1

Door Clark Accord – “Meisje, heb je ’t al gehoord? Van Zanderij? Veertien hebben ze er opgepakt. Veertien in totaal.”
“Veertien? God wat vreselijk. Het wordt met de dag erger.”
Baja, dat je dat zo zacht zegt, me schat. Eentje was eenenzeventig jaar. Kun je het je voorstellen? Eenenzeventig!”
Gezusterlijk zitten ze tegenover elkaar in een eenvoudig Javaans eethuis aan de Hermitageweg. Met grote ogen schudt de aangesproken vrouw in de bruine batikjurk het hoofd, haar handen heeft ze van ontzetting voor haar mond geslagen. Haar vriendin propt haar mond vol bami, genietend van het effect van haar verhaal.
De vrouw in de bruine jurk prikt in de nasi voor haar, alsof het eten haar niet meer smaakt. “Zo’n oude man. Op die leeftijd hoor je van je kleinkinderen te genieten.” Ze duwt het bord van zich af.
“Het zijn net leguanen. Ik zeg het je.” Haar vriendin schudt van het lachen, haar armen schudden vervaarlijk mee.
“Dat je er zo om kan lachen. Ik vind het om te huilen.” Met geveinsde woede kijkt ze naar haar bami etende vriendin en vervolgt: “Heb je gehoord van die vrouw die dacht dat haar zoon op zomerkamp zat?”
De vrouw met de enorme bovenarmen buigt zich nieuwsgierig over haar bord. Haar hoofd gaat ontkennend heen en weer.
“Thuis vertelde hij dat hij voor een week naar Schiermonnikoog ging. Meneertje zit op de HEAO. Z’n moeder heeft zelf zijn tas ingepakt. Wist zij veel dat hij een ticket op zak had voor Suriname. Hij was nooit eerder in Suriname geweest. Zelfs zijn familie in Suriname wist niet dat hij in het land was. Hij logeerde bij iemand op Wintiwaai. Daar kwamen ze pas achter toen de politie hen meedeelde dat hij op de luchthaven was aangehouden met bolletjes cocaïne in zijn maag.”
“Cocaïne in z’n maag? Zie je wel, net een leguana.” Een luidde keellach doet haar bovenarmen en het hele restaurant heen en weer schudden.
“’t Is niet om te lachen! Die arme moeder. Ik heb ook kinderen. Stel je eens voor.”
Met een flinke slok Markoesa limonade spoelt ze de bami door haar keel. Ze buigt zich over naar haar vriendin. “Me schatje luister, mensen die zoiets doen denken dat ze leguanen zijn, je weet wel, die kunnen een ei zo in zijn geheel door slikken. Dat wil nog niet zeggen dat zij die kunst ook beheersen, ook al lijken die bolletjes net eieren. Ik zeg het je, ik heb het een keer op tv gezien. Afijn, maar hoe kwam men erachter dat hij eieren had geslikt?”
Haar vriendin kan de spieren in haar gezicht met moeite in de plooi houden.
“Hij was al voorbij de douane toen iemand hem iets te drinken aanbood. Hij was vergeten dat hij niet mocht drinken. Na de eerste slok begon meneer te kokhalzen. Voor je het weet, kwamen die eieren uit zijn mond zetten. Ik zeg het je.” Ze gooit haar hoofd in haar nek en een schelle lach ontsnapt aan haar keel. Geschrokken van haar eigen reactie slaat ze opnieuw de hand voor de mond. Om zich ervan te vergewissen dan niemand getuige is van haar leedvermaak kijkt ze om zich heen.
Onze blikken kruisen elkaar. Met geveinsde desinteresse staar ik dwars door haar heen.
Zonder verder acht op mij te slaan mijmert ze: “Die jongen was nog geen negentien. Tweeënzeventig bolletjes had hij ingeslikt. Tweeënzeventig bolletjes! Die arme moeder in Nederland.” Haar gezicht staat ernstig.
Van mijn eetlust beroofd schuif ik mijn halflege bord van mij af. Het eten rust als een steen op mijn maag als ik de verzengende hitte inloop.

Clark Accord

- Advertentie -

1 REACTIE

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.