Home Onderwerpen Media en literatuur Alles over de ramp op Radio Fayalobi

Alles over de ramp op Radio Fayalobi

0

Wanneer in Suriname iets loos is, zoals nu met de overstromingen, wordt massaal afgestemd op de stadszender Radio Fayalobi (Hete liefde). Daar hebben ze hun eigen informatie-stromen; zij bellen en worden gebeld. Radio Fayalobi is de Surinaamse dorpspomp in Amsterdam-Zuidoost.

‘Half tien is het nu in Suriname, het leven moet dus nog op gang komen. In Paramaribo regent het pijpenstelen. Een hartelijk goedemiddag, u luistert naar Radio Fayalobi. Wij berichten u vanmiddag over de overstromingen in Suriname.”

Bedrijfspand Kranenbeek, in de Bijlmer. Achter de belwinkel is een trap naar boven. Daar, in een kleine studio, praat de ronde Roshnie Phoelsingh (27) met een zachte stem in haar microfoon. Met de koptelefoon schuin op een oor, bedient ze computer, afspeelapparatuur en telefoon tegelijk. Als de muziek klinkt, zegt ze streng tegen een Ghanese technicus dat ze geen buitenlijn heeft.

Op datzelfde moment komt manager Roy Ristie (53) binnen. Hij heeft zijn massieve lijf nog niet in de stoel gezet of zijn microfoon gaat aan. Hij is er voor de analyses. “Maar,” zegt hij tegen zijn luisteraars na een verhaal over de regen, “ik ben maar een amateur, straks spreken we opnieuw met de meteorologische dienst van Suriname.”

We zitten op een knooppunt van informatiestromen. Het centrale onderwerp is de watersnood in Suriname: een kwart van het zuidelijke deel van Suriname kampt na dagen zware regen met enorme overstromingen. De lokale radiozender, 130.000 luisteraars op zijn minst, en sinds ze ook via de computer te beluisteren zijn, zitten ze wereldwijd, geldt als hét Surinaamse medium in tijden van opwinding.

En opwinding is er. Vanwege de watersnood, vanwege het gebrek aan details, vanwege de nog voortdurende regentijd, vanwege al die goedwillenden die een steentje willen bijdragen, vanwege instanties die via de zender hun boodschap aan Surinamers kwijt willen.

“Het was gisteren een gekkenhuis,” zegt Roshnie, “er belden wel dertig mensen. Vrouwen die collectebussen zochten om te gaan collecteren. Iedereen wil toch wat doen.”

Dat zal nog moeilijk in banen te leiden zijn, want eigen correspondent Steven van Frederikslust van Radio Fayalobi heeft een reportage gemaakt in het rampgebied. Dus horen de luisteraars de verslagen van de bosnegers die ’s nachts om drie uur werden overvallen door stijgend water en om zes uur in paniek met hun bootjes moesten vluchten. Alles zijn ze kwijt.

De marrons, die zich eigenlijk, in de ogen van de Surinamers in de meer bewoonde wereld, toch altijd wel redden, want ze hebben immers kostgrondjes, water en natuur bij de hand, zijn wanhopig. Van de huizen zien ze in het gunstigste geval alleen nog de daken. Een gedupeerde zegt: “We kunnen de dorpen niet alleen weer opbouwen. We hebben hout en gereedschap nodig.”

Een nog treuriger stem vraagt om voedsel en water en vertelt hoe ongewoon drie dagen non-stop regen is, over negen heilige bomen die zomaar zijn omgevallen: de goden moeten wel heel erg boos zijn. “Dat is cultuur,” licht Ristie toe.

In de studio volgen de twee presentatoren het relaas met aandacht. Net zoals, ongetwijfeld, hun luisteraars. Dat burgemeester Cohen en stadsdeelvoorzitter Elvira Sweet Suriname gaan bezoeken, valt goed.

Op de computerschermen staan twee sites open: die van www.waterkant.net en de eigen site www.radiofayalobi.nl. Gevestigde persdiensten hebben ze hier niet nodig. Ze bellen, gesponsord door Surinam Air Cargo, met hun eigen bronnen. Een informatiecircuitje dat volkomen gescheiden draait van de reguliere. Ja, Roy Ristie weet het wel. “Wij zijn de haarvaten van Amsterdam. We hebben in Amsterdam 150 kleine zenders, zeshonderd vrijwilligers die eraan meewerken. Wij weten altijd alles.”

Namens de luisteraars krijgt Fayalobi ministers in de uitzending die bestraffend worden toegesproken. Had de metereologische dienst niet bijtijds gewaarschuwd? Hadden er geen voorzorgsmaatregelen moeten worden genomen? En als de ‘meteo’ meteen daarna persconferentie houdt, zit Fayalobi er ook weer bij. Met een eigen correspondent.

Bron: Parool 11 mei 2006
Loes de Fauwe