Home Columns Een avondje bij het VAT

Een avondje bij het VAT

0

Door: Chris Polanen – Het VAT is nog steeds het hart van het uitgaanscentrum van Paramaribo. Toeristen, stagiaires, levensgenieters en iedereen die met hen in contact wil komen. Allemaal strijken zij neer op het terras of nestelen zich aan de bar.
Ik ontmoet er twee Russische dierenartsen, Lena en Julia, jonge vrouwen die gek genoeg in Suriname beland zijn. Ik heb met Lena kennisgemaakt bij een Surinaamse dierenarts waar ze voor werkt. Lena is erg spraakzaam, ze vertelt met veel enthousiasme over Rusland. Hoe het is om daar te werken, de verschillende en volkeren en talen, prachtige vakantieplekjes, brute Tjetsjeense mannen. Julia is erg stil, ze kijkt telkens om zich heen alsof ze iemand verwacht, die maar niet komt opdagen. Af en toe zegt ze wat, glimlacht dan dromerig en leunt weer achterover in haar stoel.
Natuurlijk hebben we het over Surinaamse mannen en ik vraag of ze last hebben van het ‘schijnen.’ ‘Ach, hoe moeten ze anders met vrouwen in contact komen?’zegt Lena,’een visitekaartje afgeven?’ Ze lijken zich er niet erg aan te storen.
Plotseling verschijnen er twee jonge mannen aan onze tafel. Een van hen is Martin, een broer van een vriend van mij. We zeggen elkaar altijd gedag, maar kennen elkaar niet echt. Hij heeft een kaalgeschoren schedel en indringende lichte ogen. Hij en zijn vriend hebben elk een drankje in hun handen dat ze voor de Russische dames neerzetten.’Jullie hebben toch niets besteld?’vraag ik hen. Ze glimlachen slechts.‘Martin, volgens mij hebben ze niets besteld,’zeg ik. Martin schudt zijn hoofd en zegt:’Soms bezorgen we gewoon een drankje.’Hij knikt naar de dames en loopt weg. Ik begrijp er niets van.
Lena legt het mij uit.’Dit gebeurt heel vaak. Meestal weigeren we, maar ach, soms accepteren we de drankjes.’ Nu pas begrijp ik het. Hier wordt serieus gejaagd. Dat ik aan de tafel zit, is kennelijk geen obstakel. Martin en zijn vriend zijn nergens meer te bekennen.
Er wordt nu muziek gedraaid en op een dansvloertje naast het terras wordt gedanst.
Op de dansvloer natuurlijk veel Nederlandse stagiaires, maar ook toeristen en echte Surinamers.
We lopen er naar toe. Na een paar minuten wordt Lena aangesproken door een jonge man, die zich aan haar voorstelt. Zijn blonde haar is kortgeschoren en in zijn nek is een stuk van een tatoeage te zien. Onder zijn T-shirt zijn indrukwekkende, vierkante schouders zichtbaar. Lena stelt hem aan mij voor. Het blijkt ook een Rus te zijn. Het VAT is tegenwoordig echt internationaal, daar kan niemand meer aan twijfelen. Ze hebben elkaar natuurlijk veel te vertellen. Hij zit in ‘the international legion’ vertelt Lena, en komt uit Frans Guyana.International legion? Is dat niet het vreemdelingenlegioen? De Rus beantwoordt wel aan het beeld dat ik van zo een soldaat heb. Ik vraag hem of hij wat wil drinken. Hij trekt zijn schouders op. ‘Whisky?’zegt hij en kijkt mij vragend aan. Ik haal colaatjes voor Lena en ik en een whisky voor hem.
Ik vraag ik hem wat hij van Suriname vindt. Hij kijkt mij aan met een blik en een grijns die zeggen: Het stelt niet veel voor, maar ik zit er nu eenmaal. Hij heft zijn cup en tikt ermee tegen de mijne. Hij drinkt hem in een teug leeg en vraagt Lena ten dans. Terwijl ze dansen moet ik vaststellen dat zelfs Russische soldaten beter salsa dansen dan ik. Heeft het nog zin om ooit lessen te nemen? Als ze van de dansvloer komen, voegt Julia zich bij hen en verdwijnen ze in de drukte rond het VAT. Ik besluit dat het mooi geweest is en keer huiswaarts.
Aan de overkant van het VAT kom ik Martin en zijn vriend tegen, die tegen een auto geleund staan. Een uitkijkpost van waar ze de drukte rond het VAT gadeslaan.
’Martin, was ik op jouw terrein vanavond?’vraag ik hem. Hij lacht:’No spang. Ze zijn weg, dus we hebben allebei verloren.’ Ik schud mijn hoofd.’Ik babbelde gewoon een beetje,’ zeg ik. Martin kijkt mij even indringend aan alsof hij probeert in te schatten of ik meen wat ik zeg.’Hoe lang zijn ze al in Suriname?’vraagt hij.
‘Een maand of vijf, geloof ik?’antwoord ik. Martin slaakt een kreet.’Wat!’Dan hebben ze een man nodig!’Zijn vriend grinnikt op de achtergrond. ‘Je weet wel dat ze Russisch zijn?’ vraag ik. ‘Wat! Russisch? Martin kijkt naar de overkant alsof hij hoopt een glimp van ze op te vangen. ‘Dat maakt niets uit. Hun vormen zijn interessant.’
‘Het zijn dierenartsen,’zeg ik. Martin kijkt verrast.’Wat! Dierenartsen?’Dus ik kan met een dier naar ze toe gaan?’ ‘Eh, dat zou kunnen….’zeg ik.
Martin tuurt naar de overkant. ‘Ik neem een hond van mijn broer….ik snij hem in zijn voet…dan ga ik naar haar poli.’ Hij tuurt weer naar het VAT waar het alleen maar drukker wordt. Toeristen, stagiaires, levensgenieters, jagers. Allemaal denken ze daar vanavond te vinden wat ze zoeken.

chrispolanen@wanadoo.nl

GEEN REACTIES